Actueel
Actueel

Regelmatig komen zaken van onze advocaten of zaken aangaande onze expertise aan bod in de media. In het belang van cliënten hanteert SERV doorgaans een terughoudend mediabeleid. Relevante artikelen, nieuwsberichten of opinie's worden hier geplaatst.

Nieuwsberichten

Raad van State: bezorgservice horeca niet in strijd met bestemmingsplan

Vrijdag 19 april 2019

DEN HAAG / UTRECHT – De gemeente Utrecht hapt opnieuw in het stof in haar strijd tegen horecagelegenheden rond de Amsterdamsestraatweg. De gemeente wilde thuisbezorging door horeca verbieden nu dit in strijd zou zijn met het bestemmingsplan. De Raad van State heeft deze visie van tafel geveegd en de gemeente veroordeeld in de proceskosten.

Geen bezorgservice

Vanaf september 2017 ontvingen meerdere horecazaken het voornemen van de gemeente tot oplegging van een last onder dwangsom. Een afhaalzaak moest voortaan om 22:00 uur gesloten zijn en het bezorgen van bestellingen zou niet meer worden toegestaan. Het college meende dat een bezorgservice in strijd was met het bestemmingsplan. Aan een cliënt van ons kantoor werd een forse last onder dwangsom van €2000,- per overtreding opgelegd.

De opvatting van de gemeente is op zijn zachtst gezegd opmerkelijk. De openingstijden stonden keurig vermeld in de gehonoreerde vergunningsaanvraag. Ook de bezorgservice was sinds jaar en dag bekend. Extra pikant is bovendien dat cliënt bij de start van zijn onderneming expliciet de toezegging heeft gekregen dat bezorging van bestellingen - ook buiten openingstijden - gewoon was toegestaan. Het college meende nu dat daaraan echter geen rechten kunnen worden ontleend.

Proefproces mislukt

Het is bekend dat de gemeente Utrecht op diverse manieren probeert de horeca in aan banden te leggen. Ook het verbieden van het bezorgen van bestellingen wegens vermeende strijdigheid met het bestemmingsplan is daar een voorbeeld van.

Na de rechtbank is nu ook de Raad van State van oordeel dat de constructie van de gemeente geen stand kan houden. Al bij de behandeling ter zitting vroeg staadsraad Verheij zich af hoe het verder moest als de gemeente gelijk zou krijgen en daarmee bezorging van bijvoorbeeld een pizza in Utrecht niet meer mogelijk zou zijn. In de uitspraak die deze week is gewezen maakt de Raad van State dan ook korte metten met het standpunt van de gemeente:

“De Afdeling is met de rechtbank van oordeel dat uit artikel 1.4 van de planregels niet volgt dat een afhaalzaak geen bezorgservice mag hebben en dat er onvoldoende aanknopingspunten bestaan om het college te volgen in zijn beperkte uitleg van deze bepaling. […] Dat betekent dat de uitleg van het college ertoe zou leiden dat bezorgservices in (een groot deel van) de gemeente Utrecht niet zouden zijn toegestaan, terwijl dat feitelijk wel plaatsvindt. Naar het oordeel van de Afdeling zijn er onvoldoende aanknopingspunten voor de conclusie dat de gemeenteraad met die bestemmingsplannen heeft beoogd om geen bezorghoreca toe te staan.”

Voor de gemeente Utrecht is daarmee (opnieuw) een proefproces mislukt. Voor cliënt én de inwoners van Utrecht eindigt de zaak echter positief: thuisbezorging van je pizza, kapsalon of loempia blijft gewoon mogelijk!

mr. J. (Jan) Visscher | Advocaat

Vragen naar aanleiding van dit artikel? Neem contact op met advocaat mr. J. (Jan) Visscher via visscher@serv.nl of 06-12877812.

Rechtbank kraakt sluitingsbeleid: eetcafe ‘t Poortje mag weer open na schietpartij

Dinsdag 19 maart 2019

AMERSFOORT / UTRECHT - De rechtbank Utrecht heeft een streep gehaald door langere sluiting van een horecazaak in Amersfoort. Eetcafe ‘t Poortje, gelegen aan de Kamp, mag weer open. Burgemeester Bolsius wilde dat de zaak minimaal 3 maanden dicht zou blijven na een schietpartij.

Kogelgaten

Op 3 januari 2019 werd de horecagelegenheid, gelegen in het centrum van Amersfoort, meermaals beschoten met een automatisch vuurwapen. Enkele dagen later werd Restaurant Smulpoort, iets verderop gelegen, eveneens beschoten. Over de motieven tasten zowel de politie als de eigenaar nog altijd in het duister.

Hoewel de eigenaar van ‘t Poortje op geen enkele wijze verdachte is en hem geen enkel verwijt treft, kon dat een sluiting niet voorkomen. Op 9 januari 2019 besloot de burgemeester de zaak voor tenminste 3 maanden te sluiten. Aan die sluiting heeft de rechter met de uitspraak van 6 maart 2019 een einde gemaakt.

Sluitingsbeleid

De uitspraak is delicaat nu de rechtbank zeer kritisch is op de wijze waarop de burgemeester toepassing geeft aan het nieuwe sluitingsbeleid dat per 1 januari 2019 is ingegaan.

De burgemeester stelde zich op het standpunt dat bij herstel van de openbare orde en veiligheid volgens het beleid altijd wordt besloten tot een sluiting van 3 of 6 maanden. Het algemeen belang bij sluiting weegt daarbij ten allen tijde zwaarder dan het belang van de ondernemer. Oplegging van een kortere sluitingsduur is dus nimmer aan de orde.

Deze uitleg van het beleid wordt door de rechtbank terzijde geschoven:

"De voorzieningenrechter is van oordeel dat de belangenafweging in het besluit onvoldoende is gemotiveerd en de ter zitting gegeven uitleg van de te maken belangenafweging en evenredigheidstoets te beperkt is. Immers, in het beleid is slechts een onderscheid gemaakt naar de situatie van verwijtbaarheid van de ondernemer/eigenaar zodat in ieder geval daarin geen ruimte is gelaten om belangen of andere omstandigheden bij de besluitvorming te betrekking." 

Tegen deze achtergrond wijst de rechtbank de voorlopige voorziening toe en mag de horecazaak weer open.  De burgemeester zal op dit punt nadrukkelijk moeten ingaan in zijn (latere) beslissing in de lopende bezwaarprocedure.

Hoe verder?

Al eerder in 2018 en 2019 hebben wij kritische kanttekeningen geplaatst bij het sluitingsbeleid ten aanzien van horeca in Amersfoort. In onze visie is het beleid in Amersfoort riskant, ondoordacht en niet eerlijk.

De eerste uitspraak waarin de rechter het nieuwe beleid toetst is een ondersteuning van onze eerdere standpunten.  Dit beleid is te kort door de bocht. De uitspraak biedt daarmee in ieder geval kansen voor Restaurant Smulpoort, welke ook nog steeds gesloten is. Daarnaast is het te hopen dat ook het college wordt aangezet tot actie: zorg voor een solide, gedegen en fair beleid als het gaat om sluiting van horeca.

 

mr. J. (Jan) Visscher | Advocaat

Vragen naar aanleiding van dit artikel? Neem contact op met advocaat mr. J. (Jan) Visscher via visscher@serv.nl of 06-12877812.

Utrecht wil geen thuisbezorging door horeca Amsterdamsestraatweg

Woensdag 27 februari 2019

UTRECHT - De gemeente Utrecht zet haar kruistocht tegen de horeca op de Amsterdamsestraatweg voort. Nadat de Raad van State recent een streep heeft gezet door onvoldoende gemotiveerde collectieve sluitingstijden, is het nu de vraag of het college een (forse) last onder dwangsom mag opleggen om horeca te dwingen te stoppen met het bezorgen van bestellingen. Op 8 maart 2019 ligt deze vraag voor bij de Raad van State in het hoger beroep wat door de gemeente is aangespannen tegen een afhaalzaak.

Bezorgen in strijd met bestemmingsplan

Vanaf september 2017 ontvingen meerdere horecazaken het voornemen van de gemeente tot oplegging van een last onder dwangsom. Een afhaalzaak moest voortaan om 22:00 uur gesloten zijn en het bezorgen van bestellingen zou niet zijn toegestaan. Het college meende dat de bezorgservice in strijd was met het bestemmingsplan. Bij overtreding zou de afhaalzaak een forse dwangsom van €2000,- per keer verbeuren.

De opvatting van de gemeente is op zijn zachtst gezegd opmerkelijk. De openingstijden stonden keurig vermeld in de gehonoreerde vergunningsaanvraag. Ook de bezorgservice was sinds jaar en dag bekend. Extra pikant is bovendien dat client bij de start van zijn onderneming expliciet de toezegging heeft gekregen dat bezorging van bestellingen - ook buiten openingstijden - gewoon was toegestaan. Het college meent nu dat daaraan echter geen rechten kunnen worden ontleend.

Beroep én hoger beroep

Buiten het feit dat de handelswijze van de gemeente onaanvaardbaar is, leidt deze ook tot forse schade. De zaak is daarom voorgelegd bij de rechtbank. De rechtbank Utrecht deed op 23 mei 2018 uitspraak en stelde client volledig in het gelijk:

“Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is de bezorgservice van verzoeker niet in strijd met de hiervoor vermelde definitie van 'afhaalzaak'. [...] De voorzieningenrechter ziet niet, met welk element van de definitie het bezorgen door verzoeker in strijd is. De voorzieningenrechter stelt verder vast dat er in Utrecht zowel op de Amsterdamsestraatweg als daarbuiten veel meer horecabedrijven zijn waar je eten kunt afhalen en die net als verzoeker, ook bezorgen. [...]

Omdat de bezorgservice van verzoeker naar het oordeel van de voorzieningenrechter niet in strijd is met het bestemmingsplan, is er geen sprake van een overtreding. Verweerder was dus niet bevoegd om handhavend op te treden. […] Verweerder dient een nieuw besluit te nemen […]”.

Men zou verwachten dat de gemeente op haar schreden zou terugkeren. Dat is echter niet het geval. Hoewel de voornemens ten aanzien van alle andere horecazaken werden ingetrokken, heeft de gemeente hoger beroep ingesteld tegen voornoemde uitspraak.

Op 8 maart a.s. zal een zitting plaatsvinden bij de Raad van State. Daaruit zal moeten volgen of de inwoners van Utrecht op termijn hun pizza, kapsalon of loempia nog thuis kunnen laten bezorgen.

Nieuw sluitingsbeleid burgemeester is riskant en ondoordacht

Donderdag 11 januari 2019

AMERSFOORT –  Op 2 januari jl. trad de Beleidsregel sluiting horecabedrijven en voor publiek openstaande gebouwen in werking. Op 3 januari jl. respectievelijk 10 januari jl. werden in restaurant 't Poortje en Eethuis Smulpoort, gelegen aan de Kamp in Amersfoort, kogelgaten aangetroffen. Het sluitingsbeleid is daarmee opnieuw actueel.

Risico's
Al in juni 2018 hebben wij in een publicatie in het AD Amersfoortse Courant aandacht gevraagd voor de bezwaren en risico's van een "zero tolerance" sluitingsbeleid.

De nieuwe beleidsregel laat wat ons betreft zien dat over bezwaren en risico's niet is nagedacht. Sterker nog: het nieuwe beleid is onbegrijpelijk, niet fair en bovendien achterhaald.

Interview Radio M Utrecht
Vanmorgen heeft mr. J. (Jan) Visscher in de ochtendshow "Utrecht is Wakker" van Radio M Utrecht een toelichting gegeven op dit sluitingsbeleid. U kunt dit fragment hieronder terugluisteren.

Vragen naar aanleiding van dit artikel? Mail naar visscher@serv.nl of bel 06-12877812.

Coffeeshop met hek nog steeds in strijd met afstandseis van 250 meter

Vrijdag 10 augustus 2018

AMERSFOORT - De beoogde coffeeshop aan de Snouckaertlaan in Amersfoort voldoet nog altijd niet aan het afstandscriterium uit het coffeeshopbeleid. Een nieuwe meting wijst uit dat, ondanks het geplaatste hekwerk, de loopafstand tot het Luzac college nog steeds minder dan 250 meter is.

Hekwerk

Na  plaatsing van het hekwerk vinden zowel de burgemeester van Amersfoort als de exploitant dat wordt voldaan aan de minimale loopafstand van 250 meter. De burgemeester stelt echter dat hij de plaatsing van het hek niet meer hoeft mee te nemen in de besluitvorming en de vergunning voor de coffeeshop om die reden niet alsnog kan worden verleend.

Nieuwe meting

De belanghebbenden die door SERV worden bijgestaan stellen dat de loopafstand echter wel degelijk minder dan 250 meter is, ook nu een hekwerk is geplaatst. Omdat zowel de burgemeester als de exploitant geen meting meer hebben verricht heeft SERV dit in opdracht van belanghebbenden alsnog laten doen. De meting heeft op 9 augustus 2018 plaatsgevonden.

De resultaten van de meting door een deskundig landmeter zijn vandaag bekend geworden. De kortste loopafstand van het Luzac College naar de beoogde coffeeshop is nu 232 meter. Daarmee is nog steeds niet voldaan aan het afstandscriterium, ook als het hek wel wordt meegenomen bij de beoordeling.

De meting zal worden ingebracht bij de behandeling van de tweede voorlopige voorziening op 14 augustus 2018 bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State zal worden behandeld. Het is voor belanghebbenden een belangrijke reden om te komen tot afwijzing van deze voorlopige voorziening.

mr. J. (Jan) Visscher | Advocaat

PERSBERICHT: Rechtbank Utrecht haalt streep door sluiting en intrekking vergunningen Bar Comics

Vrijdag 13 juli 2018

AMERSFOORT / UTRECHT - De horecazaak Bar Comics, gelegen in het Soesterkwartier, mag weer open. De rechtbank Utrecht heeft de beslissing van de burgemeester van Amersfoort vernietigd. Zowel de sluiting op grond van de Opiumwet als de intrekking van de vergunningen konden niet door de beugel. De rechtbank stelt daarmee de cliënt van mr. Visscher geheel in het gelijk.

Sluiting en intrekking 

De belangrijkste reden tot sluiting en intrekking van de vergunningen kwam voort uit een controle op 28 maart van dit jaar. Daarbij werd bij een bezoeker van Bar Comics een kleine hoeveelheid van 0,83 gram cocaïne aangetroffen. Volgens de burgemeester was dit echter voldoende om handel aan te nemen.

De eigenaar heeft van meet af aan uitgelegd dat hij alles doet om drugs te weren. Het is voor hem echter onmogelijk om al zijn klanten bij binnenkomst te fouilleren. In de beroepsprocedure is uitgelegd en onderbouwd dat er bovendien geen enkele indicatie was voor handel in harddrugs en dat er slechts sprake was van een gebruikershoeveelheid bij een willekeurige klant.

De rechtbank komt tot het oordeel dat zowel de sluiting als de intrekking van de vergunningen niet in stand kan blijven. De beslissing van de burgemeester wordt vernietigd. Daarnaast wordt de burgemeester veroordeeld in de proceskosten.

Analyse

In deze zaak wordt eens en te meer duidelijk dat de burgemeester zorgvuldig moet opereren, zeker als het gaat om ingrijpende maatregelen van sluiting en intrekking van horeca-vergunningen.

Op 9 juni 2018 publiceerde het AD / Amersfoortse Courant in dat kader een opinie-artikel: “Zero tolerance in de horeca? Denk aan de risico’s burgemeester!” De zaak van Bar Comics laat zien dat de inhoud van dit artikel onverminderd actueel is.

mr. J. (Jan) Visscher | Advocaat

Uitspraak van de week: jacquet van de dominee tóch fiscaal aftrekbaar

Donderdag 5 juli 2018

ARNHEM - Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft in hoger beroep geoordeeld dat het preekjacquet van een dominee tóch als werkkleding fiscaal aftrekbaar is. In 2017 oordeelde de rechtbank Gelderland in deze zaak anders, maar door die uitspraak gaat nu een streep. In deze aardige kwestie heeft het hoger beroep van mr. Visscher succesvol uitgepakt.

Vraag was of het preekjacquet ”uitsluitend of nagenoeg uitsluitend geschikt is om in het kader van de predikantswerkzaamheden te worden gedragen” (art. 3.16, vijfde lid van de Wet IB 2001). De rechtbank stelde dat het jacquet ook ”geschikt is om tijdens andere gelegenheden te worden gedragen”, en dus niet alleen geschikt voor de werkzaamheden van de dominee.

In hoger beroep zijn bij deze uitspraak enkele kritische kanttekeningen geplaatst. Het gerechtshof komt op basis hiervan tot een andere beslissing. Daarbij wordt het geschiktheidscriterium door het gerechtshof ingevuld aan de hand van alle feiten en omstandigheden waaronder het feit dat het jacquet door een speciaal atelier voor ambtskleding is vervaardigd, kleine afwijkingen heeft, het feitelijk (enkel zakelijk) gebruik door de dominee en het beperkte gebruik van een jacquet in het algemene (prive)leven.  De belastingdienst moet het jacquet daarom alsnog aanmerken als werkkleding waarmee deze fiscaal aftrekbaar is.

Het fiscale uitstapje van SERV bleef destijds niet onopgemerkt. Een zaak die gaat over het preekjacquet van een gereformeerde dominee spreekt kennelijk tot de verbeelding. Verschillende media, van De Telegraaf tot het Reformatorisch Dagblad en diverse fiscale websites, berichten destijds over de zaak.

mr. J. (Jan) Visscher | Advocaat

‘Zero tolerance’ in de horeca? Denk aan de risico’s burgemeester!

Zaterdag 9 juni 2018 | AD Amersfoortse Courant

AMERSFOORT – Burgemeesters hebben verregaande bevoegdheden ter bestrijding van ongeregeldheden, in het bijzonder als het gaat om horeca. Van deze bevoegdheden wordt gretig gebruik gemaakt. Recente voorbeelden in Amersfoort zijn de (spoed)sluitingen van Bar Comics en snackbar Tast Toe. De vraag rijst of er voldoende oog is voor de bezwaren en risico’s van het sluitingsbeleid.

Snackbar Tast Toe - Lavendelstraat

Zero tolerance
Ook in Amersfoort lijkt de gedachte te hebben postgevat dat een direct lik-op-stukbeleid enkel voordelen kent. De bevoegdheden van de burgemeester zijn ruim en het beleid is aangescherpt. Er hoeft niet veel te gebeuren of je hebt als horecaondernemer een stevig probleem als gevolg van een sluiting, intrekking van je vergunning of een last onder dwangsom.

De gevolgen zijn meestal ingrijpend: bij tijdelijke sluitingen gaan veel zaken failliet en verdwijnen ze uit het straatbeeld. Soms wordt dat gezien als bijkomend voordeel. Dat is echter de vraag. Aan het direct en langdurig sluiten van horeca kleven ook de nodige bezwaren en risico’s.

Bezwaren en risico’s
Bezwaarlijk is dat beslissingen soms (te) snel en op basis van minimale feiten worden genomen. Veelal treft een exploitant geen enkel verwijt, bijvoorbeeld omdat een toevallige bezoeker iets meer dan een gebruikershoeveelheid harddrugs bij zich had. De vraag is of een sluiting in zo’n geval rechtvaardig en noodzakelijk is.

Riskant is mogelijk misbruik van het sluitingsbeleid. Dat kan eenvoudig door boze of ontevreden klanten of werknemers die verboden middelen bij zich hebben. Evenmin ondenkbaar is dat concurrenten heftige incidenten veroorzaken. Recente zaken in Amsterdam spreken voor zich. De burgemeester doet met een sluiting vervolgens de rest. De horecaondernemer is de dupe.

Sinds 2017 sprak de Koninklijke Nederlandse Horecabond (KNH) herhaaldelijk de vrees uit voor dergelijk misbruik. In Amsterdam zijn daarom de eerste beleidswijzigingen al doorgevoerd: bij een sluiting wordt maatwerk geleverd en is de eerste sluitingsduur in beginsel beperkt tot 4 weken in plaats van 3 of 6 maanden.

Hoe verder?
Het is verleidelijk om uitsluitend te rekenen met de voordelen van ‘zero tolerance’ bij handhaving in de horeca. Er zijn echter wel degelijk zwaarwegende bezwaren en risico’s. Daarom enkele suggesties die kunnen bijdragen aan een zorgvuldiger beleid:

  • Wacht het politieonderzoek af voordat wordt overgegaan tot sluiting van een horecagelegenheid;
  • Zorg voor maatwerk en weeg mee of de horecaondernemer een verwijt treft;
  • Zoek naar alternatieven voor sluiting of verkort de sluitingstermijn.

Uiteindelijk levert alleen een zorgvuldig, doordacht en effectief beleid écht een bijdrage aan een veilige en aantrekkelijke stad.

Mr. J. (Jan) Visscher

Dit artikel is gepubliceerd op de opiniepagina van het AD / Amersfoortse Courant van zaterdag 9 juni 2018. Vragen naar aanleiding van dit artikel? Mail naar visscher@serv.nl of bel 06-12877812.

Rechtbank: voorlopig geen hek bij coffeeshop Snouckaertlaan

Dinsdag 8 mei 2018

UTRECHT / AMERSFOORT - De rechtbank Utrecht heeft een tweede voorlopige voorziening, welke was aangevraagd door exploitant van de beoogde coffeeshop aan de Snouckaertlaan in Amersfoort, afgewezen. Voorlopig mag de exploitant niet verder met de plaatsing van een hek.

In maart 2018, daags voor de zitting bij de Afdeling van de Raad van State, begon men met het plaatsen van dit hekwerk voor het beoogde pand. De gemeente reageerde direct met een bouwstop omdat er geen vergunning was afgegeven. De exploitant, Roots BV, ging in bezwaar en vroeg onmiddellijk een voorlopige voorziening om verder te kunnen met de plaatsing. Dit verzoek is nu door de rechtbank afgewezen.

Afstandscriterium 

De achterliggende reden van de bouw van het hek en het verzoek om een voorlopige voorziening is de lopende procedure in hoger beroep aangaande de intrekking van de vergunning voor de beoogde coffeeshop. Het cruciale afstandscriterium uit het Amersfoortse coffeeshopbeleid speelt daarin een belangrijke rol.

Volgens de exploitant kan hij met het plaatsen van een hek alsnog zorgen dat de loopafstand tot diverse scholen, waaronder het Luzac College, meer dan 250 meter wordt. Deze afstandseis is van meet af aan een heet hangijzer in de voortdurende discussie over de beoogde coffeeshop.

Overigens wordt het standpunt van de exploitant door ons en onze cliënten - een groep buurtbewoners - betwist: hoe dan ook wordt niet voldaan aan het afstandscriterium.

Vervolg

In het vervolg van de procedure is het enerzijds wachten op de beslissingen op bezwaar van de burgemeester en het college. Anderzijds is het wachten op de beoordeling in hoger beroep door de Raad van State. Voorlopig nog geen witte rook aan de Snouckaertlaan...

mr. J. (Jan) Visscher  | Advocaat

Meer weten? Lees verder in het dossier "Coffeeshop Snouckaertlaan".

Behandeling WMO-aanvraag kan sneller: hoe doe je dat?

Dinsdag 3 april 2018

AMERSFOORT - Uit onderzoek van het AD Amersfoortse Courant blijkt dat de gemeente Amersfoort veel te traag is bij het verwerken van onderzoeken en aanvragen op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo). Burgers die bijvoorbeeld vragen om een woningaanpassing, vervoer of rolstoel moeten veel langer wachten dan wettelijk is toegestaan en zitten soms maanden zonder noodzakelijke voorzieningen. Wat kun je als burger hieraan doen?

Wat gaat er mis?
De wettekst is duidelijk. Als iemand op grond van de Wmo gebruik wil maken van een voorziening moet de gemeente daar zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen zes weken, onderzoek naar doen (artikel 2.3.2 lid 1 Wmo). Pas als dit onderzoek is uitgevoerd of als de maximale termijn van zes weken is verstreken kan de burger een aanvraag om een voorziening indienen. De gemeente moet vervolgens binnen twee weken beslissen op deze aanvraag (artikel 2.3.5 Wmo).

Bij de gemeente Amersfoort worden deze uiterste (!) termijnen bij lange na niet gehaald, zoveel wordt wel duidelijk uit het onderzoek van het AD Amersfoortse Courant. Buiten het feit dat de gemeente zich niet houdt aan de wet, leidt dit ook nog eens tot onaanvaardbare situaties. Vanuit de gemeenteraad zijn al schriftelijke vragen gesteld.

Wat kun je doen?
Wat kan een burger doen die gebruik wil maken van een voorziening op grond van de Wmo? Er zijn (juridische) mogelijkheden die er voor kunnen zorgen dat een onderzoek of aanvraag sneller of met voorrang wordt behandeld. Een snelle of snellere behandeling kan voorkomen dat burgers maandenlang in onzekerheid verkeren en snel duidelijkheid hebben over de voorziening die zij nodig hebben.

Dit volgende stappen zijn van belang:

Stap 1: Combineer een eerste melding bij de gemeente direct met een aanvraag om een (tijdelijke) voorziening. Een tijdelijke voorziening is mogelijk als sprake is van een spoedeisend geval (artikel 2.3.3 Wmo). Leg uit waarom sprake is van spoedeisendheid, vraag om een snelle beslissing en stel een beslistermijn van 1 of 2 weken. Onderbouw de aanvraag zo goed mogelijk met bewijsstukken.

Stap 2: Stel de gemeente met een brief in gebreke op het moment dat de gestelde termijn is verstreken en er geen beslissing is genomen. Na ontvangst van de ingebrekestelling heeft de gemeente nog twee weken om te beslissen op de aanvraag. Als er opnieuw niet binnen twee weken wordt beslist, moet de gemeente een dwangsom (schadevergoeding) betalen.

Stap 3: Ga in beroep bij de rechtbank als je niet binnen twee weken na de ingebrekestelling een reactie hebt ontvangen. De rechtbank kan de gemeente opdragen om zo snel mogelijk een beslissing te nemen én kan (hogere) dwangsommen opleggen.

Met het doorlopen van deze stappen is het mogelijk om een zaak al binnen vier weken aan de rechtbank voor te leggen in het geval de gemeente stilzit en geen besluit neemt. Normaliter zal de gemeente dit willen voorkomen en de zaak sneller of met voorrang behandelen.

Modellen
Als kantoor stellen wij twee modellen beschikbaar die de inwoners van Amersfoort (of andere gemeenten) vrijblijvend kunnen gebruiken. Met deze modellen kunt u de stappen zoals hiervoor genoemd goed onderbouwd zetten.

Let op: U moet de modellen invullen aan de hand van uw eigen situatie, in het bijzonder als het gaat om de geel gemarkeerde velden. Indien van belang en toepassing raden wij u daarbij aan ook te overleggen met uw mantelzorger(s), eventuele hulpverlener(s) of derden. Gebruik van de modellen is vrijblijvend en op eigen verantwoordelijkheid. Aan de modellen kunnen geen rechten worden ontleend en bij eigen gebruik is ons kantoor niet aansprakelijk.

Vragen?
Wellicht heeft u vragen, opmerkingen of suggesties. U kunt ons altijd bellen, mailen of verblijvend even langskomen op ons kantoor.

mr. J. (Jan) Visscher | Advocaat

COMMENTAAR: Plan voor aso-woningen in Amersfoort onuitvoerbaar

Donderdag 12 oktober 2017, 20:00 uur

AMERSFOORT -  Inwoners van Amersfoort die zorgen voor flinke woonoverlast zouden moeten worden gedwongen tot uithuisplaatsing en verhuizing naar "woonunits op een afgelegen terrein". Het wijkteam zou deze maatregelen moeten uitvoeren.

Op initiatief van de ChristenUnie en het CDA heeft de meerderheid van de gemeenteraad op 10 oktober jl. ingestemd met een motie met deze inhoud. Een ondoordacht, niet onderbouwd en onuitvoerbaar plan.

De motie
De tekst van de motie zoals is aangenomen blinkt niet uit in helderheid en roept de nodige vragen op. Het initiatief lijkt in de eerste instantie gericht op 120 inwoners die zullen uitstromen van GGZ behandelplaatsen. Tegelijkertijd spreekt de motie in zijn algemeenheid over huurders. Uit de berichtgeving van het AD Amersfoortse Courant lijkt het initiatief wel degelijk bedoeld om iedere overlastgever te kunnen aanpakken en niet een select groepje.

Verder is er - voor zover ik heb kunnen ontdekken - van een onderbouwd plan geen sprake. Van een financiële onderbouwing of een praktische uitvoering is niets beschikbaar. Evenmin is er enige toelichting te vinden over de juridische basis. Alleen al op dit laatste punt blijkt dat het plan volstrekt onuitvoerbaar is.

Juridische basis
Het cruciale element in de motie betreft het ontbreken van vrijwilligheid: gedwongen huisvesting op woonunits in afgelegen terreinen, gedwongen uithuisplaatsing en verhuizing, en gedwongen terugkeer naar een instelling waar iemand (mogelijk) eerder heeft verbleven.

De doodsteek van dit plan is daarmee glashelder: dwang van (vrije) burgers is vrijwel altijd voorbehouden aan een rechter. Dat geldt bijvoorbeeld voor behandeling, toezicht maar zeker ook woongenot. Als sprake is van een huurovereenkomst is de rechter  de enige bevoegde instantie die deze mag ontbinden. Alleen de rechter mag een huurder veroordelen tot het verlaten van een woning. Als sprake is van overlast moet de situatie ernstig genoeg zijn en zal dit duidelijk moeten blijken. Omwonenden of een verhuurder zal een ontruiming op grond van overlast dus altijd bij de rechter moeten aankaarten.

Deze wettelijke procedure staat mijlenver af van het idee om het wijkteam dergelijke bevoegdheden toe te kennen. Het betekent ook er geen enkele juridische grondslag is om het wijkteam dergelijke bevoegdheden te geven. Het maakt dat dit plan niet alleen op geen enkele manier onderbouwd maar ook nog eens volstrekt onuitvoerbaar is.

Mr. J. (Jan) Visscher | Advocaat

Streep door coffeeshop Snouckaertlaan in Amersfoort

Maandag 18 september 2017, 12:30 uur

AMERSFOORT - De beoogde coffeeshop aan de Snouckaertlaan in Amersfoort gaat niet door.

De burgemeester van Amersfoort, dhr. Bolsius, heeft de bezwaren van onze cliënten en andere buurtbewoners gegrond verklaard en de gedoogverklaring ingetrokken.

Cruciaal is de afstandseis tot middelbare scholen. Die mag maximaal 250 meter zijn. Onze advocaat mr. J. (Jan) Visscher heeft dit verweer van meet af aan naar voren gebracht.

Mr. Visscher is zeer tevreden over het resultaat: "Een fantastisch resultaat voor onze clienten. Volkomen terecht dat onze burgemeester een streep haalt door deze beslissing. Het idee was aardig, maar de voorbereiding en uitvoering deugde van geen kanten. Het dossier was broddelwerk, niets meer en niets minder."

Lees later meer in het dossier "Coffeeshop Snouckaertlaan".

PERSVERKLARING 2: Verblijfsvergunning voor 5-jarige Mawa uit Amersfoort

Woensdag 16 augustus 2017, 16:30 uur

AMERSFOORT - Eerder vandaag heeft SERV onderstaand persbericht uitgebracht met betrekking tot de situatie van de 5-jarige Mawa uit Amersfoort. Ondanks dat haar ouders rechtmatig verblijf hebben in Nederland kreeg Mawa geen verblijfsvergunning en stond zij te boek als illegaal. Tot vandaag.

De advocaat van de familie, mr. Ceylan, heeft vandaag overleg gevoerd met de Immigratie- en Naturalisatiedienst. De IND heeft de procedure van Mawa versneld en met voorrang behandeld.

De beoordeling van de door mr. Ceylan aangevoerde gronden van bezwaar heeft geleid tot een spoedbeslissing. Die beslissing is positief. De IND heeft zojuist te kennen gegeven dat aan Mawa een vergunning zal worden verstrekt op grond van artikel 8 EVRM, het recht op eerbiediging van het gezins- en privéleven.

De vader van Mawa, in het dagelijks leven werkzaam als postbode, reageerde uitzinnig van blijdschap toen mr. Ceylan hem de positieve beslissing mocht mededelen. "Echt waar, echt waar? Ik ben zo blij! Maar morgen bezorg ik gewoon de post!"

Mr. Ceylan is meer dan tevreden over het resultaat in deze procedure.

PERSVERKLARING in zaak 5-jarige Mawa uit Amersfoort

Woensdag 16 augustus 2017, 10:00 uur

AMERSFOORT - Op dinsdag 15 augustus 2017 heeft RTV Utrecht een artikel gepubliceerd over de situatie van de 5-jarige Mawa uit Amersfoort. Over deze publicatie, ons aanvankelijk onbekend, bereiken ons veel vragen. De familie wordt bijgestaan door advocaat mr. E. (Elmas) Ceylan.

Feiten
Mawa woont met haar vader en moeder in Amersfoort. De ouders van Mawa hebben rechtmatig verblijf, waarbij moeder in het bezit is van een Nederlands paspoort. Mawa heeft geen verblijfsstatus en is in zoverre illegaal.

In de situatie van Mawa speelt het volgende: zij heeft geen officiële verblijfstatus en als gevolg hiervan heeft zijn evenmin een zorgverzekering. Die situatie is onaanvaardbaar, reden waarom SERV het gezin bijstand verleent.

Verblijfsvergunning
Als het gaat om het verkrijgen van een verblijfsvergunning voor Mawa, bevindt de procedure zich in een beginstadium en is er nog veel mogelijk.

In overleg met de familie achten wij het daarom in dit geval niet zuiver de zaak van Mawa, buiten de daarvoor bestemde procedures, in de openbaarheid te brengen. Dit is op dit moment niet in het belang van Mawa en haar familie.

Zorgverzekering
Wellicht zijn er zorgverzekeraars die, naar aanleiding van de berichtgeving in de media, wel mogelijkheden zien om een zorgverzekering aan Mawa te verstrekken. Indien dat het geval is, kunnen zij hiervoor contact met advocaat mr. Ceylan opnemen.

Conclusie
Om bovenstaande reden worden van onze kant geen verdere mededelingen over de zaak van Mawa gedaan. Ook telefonisch worden geen nadere mededelingen verstrekt en wordt verwezen naar dit persbericht.

Een en ander neemt niet weg dat wij de overtuiging hebben dat aan Mawa een verblijfsdocument zou moeten worden verstrekt. De redengevende gronden worden daartoe in de procedure naar voren gebracht.